Auteursarchief: bowil2015

Komodo Liveaboard film

Zie hier onze duikervaring samengevat in een film…

(P.s. zet settings in YouTube op 1080P HD voor betere kwaliteit)

 


Geen bikes, dan maar onderwater…

Nadat we onze motoren op de boot hadden gezet, waren we zelf naar Bali gevlogen en de dag erna meteen door naar Labuanbajo op Flores. Het stadje vanaf waar je mooie duiken schijnt te kunnen maken in het Komodo National park. Het was echter wel laag seizoen en niet iedere duikschool was meer open, maar via een aantal reviews op internet en het langs gaan bij de duikscholen kwamen we uiteindelijk uit bij Uber Scuba. Een duikschool die niet veel geld had uitgegeven aan z’n shop, maar wel veel waarde hecht aan goede spullen en een goede boot. Dat beviel ons wel. We besloten met hun te gaan duiken en werden bij binnenkomst meteen goed geholpen door Claire. Ze vertelde enthousiast over de mogelijkheden en zo hoorden we ook over hun 6 daagse live aboard. Het idee was echter om 3 dagen te gaan duiken, maar uiteindelijk waren we zo enthousiast geworden en besloten we eerst een dag ‘proef’ te gaan duiken i.v.m. het oor van Willemien en als dat goed zou gaan dan zouden we mee gaan met de live aboard.

20160207_104237

Komodo national park

De eerste dag duiken was super! Het onderwater leven in het national park is divers met niet te tellen hoeveel verschillende vissen en koralen er leven. Schildpadden, manta’s en reef sharks waren in bijzonder grote hoeveelheden aanwezig bij bijna iedere duik. Het duiken verliep allemaal soepel en beiden hadden we verder geen klachten meer aan de oren. 6 dagen op de live aboard werd dus ons plan! Op de dag trip zelf kwamen we nog nederlanders, Marthe en Jip, tegen en na een leuk gesprek kwamen we erachter dat het onze overburen waren in Amsterdam! Tsja de wereld is klein en bizar dat je elkaar ontmoet aan de andere kant, terwijl het makkelijker had gekund, gewoon aan de overkant van je eigen straat… Na de duik dag hadden we nog een dag rust voordat onze 6 duikdagen zouden beginnen. Zo konden we nog even het stadje verkennen en bij een van de luxere hotels aan het zwembad zitten om af te koelen van de hitte van de dag.

De volgende dag ging het dan toch echt beginnen! We werden met een klein bootje naar de grotere boot gebracht en daar ontmoeten we de andere 8 met wie we de aankomende 6 dagen zouden gaan duiken. Verder gingen er nog 3 duikinstructeurs mee, 3 mannen van de keukenbrigade, 1 kapitein en 2 bootmannen. Met de hele delegatie gingen we op pad en het was meteen al bere gezellig! De eerste dag gingen we een stuk varen en maakten we 2 duiken. Meteen waren we op de mooie spots waar de manta’s over ons heen ‘vlogen’ en we tussen super veel verschillende vissen zwommen. Tussen het duiken door werd er goed voor ons gezorgd, verse sappen en lekkere snackjes stonden klaar als we boven kwamen. De dagen erna maakten we nog 16 andere duiken, waarvan 2 nacht duiken. Verder vulden we de dag met relaxen, lekker eten, stand up paddle, komodo varanen bekijken en zwemmen. Het waren 6 heerlijke dagen zonder WiFi en het duiken stond centraal. ’s Avonds vielen we voldaan in slaap na al het moois wat we onder en boven water gezien hadden.

Na deze fijne week kwamen we weer terug in de bewoonde wereld en hadden we nog 1 dag in Labuanbajo, omdat je na het duiken niet meteen mag vliegen. Nog een dag relaxen, vismarkt en genieten van het zwembad. De volgende dag richting Bali om daar onze laatste dag Azië te besteden. We besloten in Seminyak te slapen waar Bjørn een jaar gewoond had tijdens z’n studie tijd. Samen hadden we de bekende plekken voor hem opgezocht en ’s avonds hadden we afgesloten met een heerlijk diner bij Gado Gado. Dan werd het toch echt de laatste nacht in Azië en was het tijd om ons weer voor te bereiden voor een iets westerse cultuur in Australië. Weer een nieuw hoofdstuk van onze reis!


Op onze Motosikals door Maleisië

Na de spanning om de grens van Thailand over te komen, was de Maleisische grens een eitje. De mensen waren super vriendelijk, spraken perfect engels en vroegen geen extra geld voor het invullen van onze Carnets en het afhandelen van de documenten.

Op naar Penang, Georgetown, waar we de Duitsers weer zouden ontmoeten. Via binnenwegen waarvan het wegdek super was kwamen we rond een uur of half 6 aan op de plek van bestemming. Na de grens hadden we nog even gegeten bij een lokaal tentje, waar het eten heerlijk was. Een mix van Indiaas, Indonesisch en Maleisisch, wat een geweldige keuken! De eigenaar bleek uit India te komen, maar leefde bijna z’n hele leven al in Maleisië. Hij was alleraardigst en legde ons het een en ander uit over de Maleisische keuken en over het land zelf. We vroegen hem vervolgens naar zijn geloof en hij vertelde dat hij Katholiek was, maar ook Moslim. Is dat niet hoe het zou moeten zijn? De eerste indruk die we van Maleisië kregen is dat de mensen tevreden zijn en of ze nou Katholiek, Moslim, Hindu, Boeddhist, Christen of een ander geloof hebben in het grootste deel van het land leven deze mensen in vrede bij elkaar en met elkaar. Waarom zou dat niet overal zo kunnen? Net als de politiek in de ‘democratische’ landen… Daar ben je ook niet per se extreem links of rechts. Waarom zou je inderdaad geen katholiek en moslim tegelijk kunnen zijn?

So far so good voelde Maleisië dus wat betreft mensen, natuur en het stadje Penang waar we aankwamen was super gezellig! Alleen de temperatuur was toch wel warmer dan Thailand. Na een paar minuten was je shirt al nat van het zweet en de hoge luchtvochtigheid, dat was toch wel even wennen. Na een paar dagen in Penang waren we toe aan een wat koelere omgeving. We hoorden dat de Cameron Highlands, bekend om zijn theeplantages, super waren. Daar aangekomen was het inderdaad een stuk koeler en de temperatuur was voor het eerst weer super om een warme koffie te bestellen! De theeplantages zijn erg mooi om te zien, maar helaas is een groot deel van het gebied ook bebouwd met kassen. Na de koelte zijn we naar het Taman Negara, het oudste regenwoud van het Maleisische vaste land gereden. De hitte was daar ook ietwat ondragelijk, maar gelukkig viel er aan het eind van de dag vaak een flinke tropische regenbui waardoor het weer iets afkoelde.

We besloten de eerste dag even te relaxen en plannen te maken voor de komende dagen. Het leek ons leuk om in ieder geval een flinke wandeling te maken in het regenwoud en het bleek dat dit goed mogelijk was door de aangelegde paden. Die avond kwamen we ook 4 mannen uit Oekraïne tegen, die op vakantie waren en ook wel een stuk wilden lopen. We besloten de volgende ochtend vroeg met elkaar te vertrekken voor een wandeling. Eerst liepen we naar de Canopy walk (een aangelegde hangbrug door de bomen), maar helaas was deze gesloten. Daarna besloten we verder te lopen en na een wandeling van 8km, genoeg bloedzuigers en andere insecten waren we voldaan en weer terug bij het dorpje. Een mooi stuk regenwoud om te lopen en inderdaad redelijk gemakkelijk om zelf te doen, zolang je niet te ver het regenwoud in gaat.

Na onze ervaring in het regenwoud besloten we verder zuidwaarts te rijden naar een stadje aan de westkust, Malakka. Een stad, die door vele Europese landen is gekoloniseerd en waardoor je ook nog veel Europese straatnamen ziet. Ze hadden er zelfs ’the Dutch square’. Verder hadden ze super eettentjes en zelfs een restaurant waar je sate hotpot, soort satésaus fondue, kon bestellen. ’s Avonds vormde er dan ook een flinke rij locals voor de eettent en we snapten waarom, het was ook echt super lekker! Na het stadje Malakka werd het tijd om naar Kuala Lumpur te gaan om uit te zoeken hoe we onze motoren konden verschepen. We hadden de afgelopen dagen besloten om niet met de motoren naar Indonesië te gaan i.v.m. het regenseizoen. De wegen schijnen vaak onbegaanbaar en flink lastig te berijden indien begaanbaar en 6 weken Indonesië in het regenseizoen leek ons niet ideaal. Daarom besloten we een mogelijkheid te zoeken om de motoren naar Perth, Australië, te verschepen en vanaf daar de zuidkust af te rijden naar Sydney. Op naar Kuala Lumpur om onze mogelijkheden uit te zoeken!

Onderweg richting Kuala Lumpur waren we nog even gestopt in het stadje Kajang, waar de saté super schijnt te zijn en ook is! In Kuala Lumpur aangekomen besloten we eerst naar Sunny motorcycles te gaan. Een man die zijn motorzaak heeft vlak buiten het centrum van de stad. Via een horizonsunlimited.com, een biker forum, kregen we te horen dat hij veel wist over het verschepen van motoren naar Australië. Daar aangekomen waren we meer dan welkom en was hij zeker bereid om ons te helpen. Vaak hielp hij overlanders hun motoren via luchtvaart naar Australië over te brengen, maar ons plan was eigenlijk om het via de scheepvaart te doen, zodat we nog wat tijd hadden om Indonesië te bezoeken als de motoren op de boot stonden. Helaas had hij er niet veel ervaring mee, maar hij ging het voor ons uitzoeken. Verder moet je motor brandschoon zijn als je deze naar Australië wil verschepen dus we besloten om sowieso maar te beginnen met het schoonmaken, want daar zouden we nog wel even mee bezig zijn.

De volgende ochtend kwam Sunny met goed nieuws. Hij had via social media iemand gevonden die 2 Australiërs hielp om hun motoren te verschepen naar Perth. 5 dagen later zouden we de motoren bij hem kunnen afleveren en zouden de 4 motoren samen in een container op de boot naar Australië gaan, spannend! De eerste keer dat ze op reis zouden gaan zonder ons… Maar voordat het zover was, werd het tijd om alles nog even flink goed schoon te maken! Na 3 dagen poetsen hadden we de motoren brandschoon gekregen, alle camping spullen en spullen in de koffers omgekeerd en onze moto rgear schoongemaakt. Een heel karwei, maar daardoor hoopten we een boete bij de Australische douane te voorkomen (ze schijnen nogal streng te zijn wat betreft de quarantaine). Daarna werd het tijd om ze in een container te stoppen waar we met de 2 Australiërs nog bijna een dag aan kwijt waren. De shipping maatschappij had mannetjes geregeld die wel wisten hoe ze motoren moesten vast zetten in een container… uhmmm niet dus! Gelukkig konden Bjorn en de 2 Australiërs er wel wat van en stonden ze uiteindelijk alle 4 veilig en vast met sjorbanden. Klaar voor vertrek! Na afscheid genomen te hebben van onze motoren besloten we onze vliegtickets te boeken naar Indonesië, onze laatste stop in Azië!


3 maal is…

Na Cambodja was het tijd om onze motoren weer op te halen in Bangkok. Dit werd de 3de en ook de laatste keer van deze reis dat we Thailand in zouden gaan. Met de bus vanuit Cambodja naar Bangkok was een trip die we toch niet snel weer over zouden doen. Door continue met eigen vervoer gereisd te hebben, kwamen we erachter dat het openbaar vervoer (helemaal in Azië) toch echt wel verschrikkelijk is en veel geduld van je eist. Daarom waren we ook blij toen we in Bangkok aankwamen dat we bij Gigi en Olivier konden logeren voor een aantal nachten en rustig onze motoren konden ophalen. De bikes waren weer helemaal good to go en gefixt! Na 6 weken was het super om ze terug te zien en in de stad was het even wennen om weer wat meer pk’s te hebben. Maar toen we eenmaal verder gingen reizen richting het zuiden van Thailand was het heerlijk om op de snelweg het gas open te kunnen trekken.

De eerste rit op de motoren in Thailand was meteen een flinke. Na 750 km over goede wegen kwamen we aan in Khao Sok National park. Een super gebied waar je het gevoel hebt door Jurrasic park te rijden. We vonden een klein bungalowtje ergens midden in de natuur, een heerlijke plek om even bij te komen van de drukte van Bangkok. Daarna wilden we onze weg vervolgen naar Koh Lanta, een eiland vlak voor de kust, om te gaan duiken. Met onze motoren was het gemakkelijk om op het eiland te komen via een ferry en we vonden een mooi bungalowtje aan het strand waar we ongeveer een korte week wilden blijven. Het werd tijd om bij een duikschool een aantal duiken te gaan regelen! We gingen een aantal duikscholen langs om te kijken wat ze te bieden hadden en uiteindelijk werd het FlipFlop divers, een duik school van een Zuid Afrikaan. De planning was 3 dagen duiken naar verschillende plekken en onze ‘nitrox specialty’ halen. Helaas na de eerste dag duiken, liep Willemien een reverse blok op aan een van haar oren en was het advies voor 2 weken niet duiken. Dat was even balen, maar alsnog konden we onze theorie halen voor de ‘nitrox specialty’. Die was in the pocket!
Na Koh Lanta besloten we richting Maleisië te gaan rijden. Op de ferry naar het vaste land kwamen we een Duits stel, Mona en Bjarne, tegen op hun motoren. Zij waren ook onderweg naar Maleisië en we besloten samen een stukje op te rijden. Halverwege de route richting de grens sliepen we nog een nacht in een klein stadje en de dag daarna werd het tijd om Maleisië in te gaan! Helaas was ons document voor de motoren verlopen, omdat ze langer dan 1 maand in Thailand waren. Ook was het ons niet gelukt om deze documenten te verlengen en dat betekende waarschijnlijk een boete van 250 euro per motor bij de grens. Van te voren hadden we wat mogelijkheden besproken om onder deze boete uit te kunnen komen en het werd tijd om te kijken of dit zou lukken. Met Mona en Bjarne hadden we afgesproken om elkaar weer in Penang, Maleisië, te ontmoeten.
Samen met Mona en Bjarne

Samen met Mona en Bjarne

Die ochtend stonden we vroeg op en we hadden een grenspost helemaal in het zuidwesten van Thailand uitgekozen, omdat deze het kleinste was en ons misschien de beste kans zou bieden om geen boete te hoeven betalen. Bij de grens aangekomen, lieten we onze motoren op enige afstand van de grenspost staan en een voor een gingen we onze paspoortstempel halen. Daarna was het enige tijd wachten totdat alle douane beambten in hun kantoortjes waren en toen de kust veilig was reden we langzaam achter de Thaise auto’s de grens over zonder onze motordocumenten te overhandigen. Aangekomen bij de Maleisische post die vlak achter de Thaise lag duurde het nog even voordat we de paspoortstempels kregen en ons Carnet hadden afgehandeld, maar gelukkig kwam er niemand achter ons aan. Na alles geregeld te hebben, waren we gelukkig niet 500 euro lichter en kon ons avontuur in Maleisië beginnen.
Wachten bij de grens

Wachten bij de grens


Same same, but different!

De landen in zuidoost Azië lijken grotendeels op elkaar, maar toch ook niet… Zo hebben ze allemaal rijstvelden, maar Vietnam heeft er bijvoorbeeld echt veel, heel veel en ze zijn groot! Cambodja heeft ook rijstvelden, maar veel kleinschaliger. Het lijkt alsof de families daar alleen voor zichzelf en hun naaste omgeving verbouwen en verder niet voor de internationale export. Verder hebben Vietnam en Laos bijvoorbeeld weer de grote grijze waterbuffels, terwijl Cambodja vooral de witte magere koeien heeft.
SAMSUNG CSC
Het eerste gevoel bij binnenkomst in Cambodja was vooral erg relaxt door de kleinschalige landbouw, de dorpjes met gekleurde huisjes en de magere witte koeien. Ook de kinderen die ons nazwaaiden of lachend tegemoet fietsten gaven weer een fijn gevoel. Onze eerste stop werd Kep waar we konden genieten van de heerlijke vis- en crabschotels met verse Cambodjaanse groene peper. De dag erna besloten we naar zo’n farm te gaan waar ze peper verbouwen. We waren wel benieuwd waar deze heerlijke pepers vandaan komen en hoe ze groeien.
In Nederland kennen we witte, zwarte en rode gedroogde peper en we kennen de rode en groene ‘verse’ peperbolletjes. Deze zijn allen van verse groene peper gemaakt. Zwarte peper is de gedroogde vorm van de verse groene, het makkelijkst om te maken en vandaar ook de goedkoopste. Rode peper wordt gemaakt door eerst de groene peper te koken en dan te drogen en witte peper is gekookte groene peper waar het rode vliesje vanaf wordt gepeld en daarna gedroogd. Als de planten zonder chemicaliën gekweekt worden, kan een peperplant per jaar 1 keer geoogst worden en komt er zo’n 1-1,5kg peper vanaf. De verse groene peper die we op ons bord kregen, komt zo van de plant af zonder bewerkt te worden en deze smaakt geweldig in gerechten! Niet te vergelijken met de ‘verse’ peperbolletjes van de AH.
Hierna zijn we doorgereden naar Kampot, een ander stadje vlakbij de kust, iets groter dan Kep en uiteraard ook heerlijke vis. De volgende dag besloten we door te rijden naar Sihanouk, omdat daar de plek is in Cambodja waar er gedoken wordt. Langs kleine dorpjes, via een uitzichtpunt bij het Bokor National Park, kwamen we aan in Sihanouk. Een plek waar flink gefeest wordt door jonge backpackers en waar je gemakkelijk met de ferry naar de eilandjes voor de kust kan gaan om te duiken.
3 dagen duiken op een van de eilandjes, Koh Rong Sanloem, werd ons plan. Het duiken was op het moment niet heel spectaculair, omdat het zicht onderwater erg slecht was i.v.m. de storm die pas geweest was. Het gevoel van het onderwater zijn was weer heerlijk. Na het duiken kwamen we moe en voldaan weer terug op het eiland waar we bij konden komen in een hangmat met een Anchor biertje of een potje jeux de boule speelden. Geen WiFi en geen telefoon connectie voor 3 dagen was toch wel een ultiem gevoel. Na 3 dagen weer in Sihanouk aangekomen waar alle drukte weer op ons af kwam, kregen we een klein beetje ‘hetzelfde’ gevoel als Leonardo DiCaprio in de film The Beach had, waar hij na een lange tijd op een idyllisch eiland van alle drukte te zijn geweest weer in een drukke stad terug komt.
Na Sihanouk op naar de hoofdstad, Phnom Penh, om daar een stukje van de geschiedenis van Cambodja mee te krijgen bij de Killing Fields. Toch wel erg heftig om precies te horen wat er gebeurd is tijdens het regiem van Pol Pot en de Rode Khmer, we wisten er zelf niet veel van. Er is weinig van deze tijd over, omdat de mensen alles vernietigd hebben wat hen deed denken aan deze tijd, maar de verhalen en het verdriet zijn nog sterk aanwezig. Tussen 1976 en 1979 zijn 3 miljoen van de 8 miljoen Cambodjanen om het leven gebracht en weg gestopt in massagraven. Ze werden niet met kogels om het leven gebracht, omdat deze te duur waren. Vaak werden ze doodgeslagen met bamboo stokken, scheppen of andere voorwerpen. Ook vele kinderen en babies werden om het leven gebracht, zodat gehele gezinnen werden uitgeroeid. Of zoals Pol Pot het zei: “Om een boom echt dood te maken moet je hem met wortels en al vernietigen”. Met name de stedelingen en intellectuelen werden gedood, omdat Pol Pot de mening erop na hield dat deze mensen de meeste bezittingen hadden en dat zij slecht warent voor het communisme en de ‘gelijkheid’ in het land. The Killing Fields, een intrigerende plek om heen te gaan en de audiotour te beluisteren waar het verhaal over deze periode bijzonder goed verteld wordt. Ook hoor je ervaringen en verhalen van Cambodjanen die deze tijd overleeft hebben en als je dan tussen de massagraven door loopt, krijg je een brok in je keel en realiseer je je weer hoe belangrijk het is om in vrijheid en vrede te leven.
Na een stuk geschiedenis wijzer van Cambodja was het tijd om de hoofdstad een beetje te verkennen. Hier hadden we ook afgesproken met het Zwitserse stel, Roger en Sylvie, van de China reis om samen kerst te vieren. Het was super om ze weer te zien en samen hadden we een soort kerstavond en 1e kerstdag diner. Toch gek om kerst te vieren in een land zo ver weg en bij een temperatuur van zo’n 30 graden. Ook al zijn de meeste Cambodjanen boeddhistisch en vieren ze geen kerst… In Phnom Penh probeerden ze er toch wat van te maken voor de toeristen. De restaurantjes en guesthouses waren allen versierd met kerstballen, slingers en lichtjes en ze wensen je allemaal een fijne kerst, wat toch een beetje een ‘kerstgevoel’ gaf.
20151224_170226

Roger en Silvy

Verder is Phnom Penh niet echt een mooie stad. Misschien ook wel de meest vieze stad in heel Zuidoost Azië die we hebben gezien. Veel afval op straat en de producten op de markt ruiken bedorven. De eerste stad waar we het lokale eten op de markt niet durfden te proberen… Verder is het contrast tussen rijk en arm in de stad triest groot. Aan de ene kant zie je de mooie gebouwen, paleizen en dure Landrovers van de overheid en aan de andere kant zie je op de boulevard matrassen liggen waar moeders met hun kinderen slapen. Mensen met geamputeerde ledenmaten, naar zeggen een gevolg van de ‘verkeerd’ geplaatste bommen van de Amerikanen, lopen langs de terrassen om te bedelen. En ’s avonds vult de boulevard zich met kindertjes van 10 jaar en ouder om samen lijm te snuiven. Erg triest om te zien. Vaak geeft de hoofdstad wel een redelijke indruk van de situatie in een land. Cambodja is duidelijk nog aan het herstellen van de heftige periode, die de mensen en het land hebben doorgemaakt tijdens de jaren van Pol Pot.
Na Phnom Penh richting Siem Reap om daar het werelderfgoed, Angkor, te bekijken. Angkor een stad van verschillende tempels gebouwd rond 800-1100 na Christus, die het grootste religieuze tempel complex bevat van de wereld, Angkor Wat. Zo’n 2 miljoen bezoekers per jaar komen naar Angkor om deze prachtige bouwwerken te bekijken. Vooral zonsopgang en zonsondergang schijnt geliefd te zijn bij de meeste mensen. Je staat met zo’n paar duizend mensen naar de Angkor Wat te staren totdat de zon op of onder is gegaan. En daarna haasten de meesten zich snel de tempel in om toch de unieke foto te kunnen scoren, degene waarvan ze hopen dat er geen andere toeristen opstaan en het doet lijken dat ze de enige waren, niet dus!
Zonsopgang en -ondergang vonden we persoonlijk niet voor herhaling vatbaar, maar wat fijn is, is dat de meeste mensen na zonsopgang nog even blijven rondhangen bij Angkor Wat. Dit gaf ons de gelegenheid om op onze bikes te springen en om half 7 ’s ochtends door het park te cruisen langs alle mooie tempels en te stoppen bij onze tot nu toe meest favoriete, Ta Prohm. Een tempel complex midden in de natuur waar ’s ochtends vroeg misschien een hand vol mensen rondlopen, maar waar het overdag bezaaid is met toeristen. De geluiden die je hoort zijn die van de jungle en de wind. En met deze geluiden op de achtergrond dwaalden we rustig door dit oude tempelcomplex waar de oudheid en de natuur een samenspel zijn. Grote bomen met hun mooi wortels groeien op de verschillende tempels en op de muren. Soms een gek gezicht omdat het lijkt alsof sommige bomen over de muren proberen te klimmen. Je kan hier gemakkelijk een paar uur ronddwalen zolang er nog niet te veel andere toeristen zijn. In dit complex schijnt de film Tomb Raider ook opgenomen te zijn met Angelina Jolie als Lara Croft in de hoofdrol. Een klein vleugje van jaloezie richting deze hoofdrol speelster, die de gelegenheid kreeg om in zo’n prachtige omgeving te mogen acteren.
Nadat Ta Prohm langzaam vol liep met andere toeristen besloten we nog een aantal andere tempels te gaan bekijken. Bij de meesten kregen we toch een mysterieus gevoel van binnen, de een iets meer dan de ander. Dat te bedenken dat dit ‘wereld wonder’ zoveel jaren geleden gebouwd is en dat de natuur zich er voor een deel meester van heeft gemaakt. Toch een erg bijzondere ervaring om Angkor te bezoeken, het was zeker de moeite waard!
Na Angkor werd het tijd om onze bikes te verkopen. We plaatsen een aantal berichten op internet en spraken mensen aan in het guesthouse. Toevallig op oudjaarsdag kwamen we 2 Nederlanders uit Brabant tegen, Jaap en Maarten, die al 2 dagen in de hoofdstad naar bikes hadden lopen zoeken en helaas niks konden vinden. Ze werden nadat we ons reisverhaal verteld hadden meteen enthousiast en ook al hadden ze al besloten met de bus verder te gaan reizen, ze pakten deze kans en kochten onze bikes om met de Bastards te gaan toeren door Laos. Ook hadden we die avond met Claire en Emiel afgesproken, 2 overlanders met hun 4WD en hun nieuwe Thaise hond, die we hadden ontmoet in Iran! Het was een gezellig boel en met z’n allen besloten we oud en nieuw te vieren in Siem Reap, waar het in ‘pubstreet’ helemaal zwart zag van de feestende mensen op straat. Een mooie afsluiter van onze geweldige reiservaringen in het afgelopen jaar!